Posts tonen met het label nagerecht. Alle posts tonen
Posts tonen met het label nagerecht. Alle posts tonen

27-05-2014

Rabarber-speurtocht...

Tijd voor een uitgebreider en zoet recept. Het is rabarber tijd en zelfs rabarber week (of was dat vorige week?). Er zijn volgens mij best veel mensen die geen idee hebben wat ze met rabarber aanmoeten. Behalve het maken van moes, kwam ik ook nooit heel ver. Maar, omdat ik rabarber heel bijzonder en lekker vind ben ik gaan zoeken naar meer toepassingen. Bijvoorbeeld in zoet gebak, maar dankzij Mark Bittman weet ik ook een lekkere hartige toepassing. De zoektocht is nog lang niet voorbij, maar een van de vondsten wil ik graag delen. Deze taart is heerlijk zoet en de rabarber zorgt voor een prettig zuurtje. Door de hazelnoot en amandel smaakt het lekker noot-achtig. Feestelijke afsluiting van de maaltijd en altijd lekker bij koffie of thee.

Rabarber-hazelnoten-kruimelcake - naar een recept van Sophia Young uit delicious. magazine, maart 2009


40 gram fijne kristalsuiker
60 gram bloem
40 gram zachte ongezouten boter
60 gram amandelschaafsel
rasp van 1 sinaasappel

550 gram jonge rabarber
240 gram poedersuiker
50 gram bloem
1 1/2 theelepel kaneel
125 gram blank hazelnoten, gemalen*
185 gram ongezouten boter, gesmolten
6 eiwitten
1 1/2 eetlepel donkere basterdsuiker

Maak eerst het kruimeldeeg. Meng de suiker en bloem in een kom en wrijf de boter er met je vingertoppen door, zodat een kruimelig mengsel ontstaat (zie afbeelding). Wrijf het amandelschaafsel en de sinaasappelrasp erdoor. 
Snijd de uiteinden en eventueel blad van de rabarberstelen. Snijd de stengel in stukjes van ongeveer 2 centimeter. Je hebt zo'n 325 gram rabarber nodig. 
Verwarm een oven voor op 190 graden. Vet een vierkant (24x24 cm) of rechthoekige (20x30 cm) bakvorm in met olie en bekleed met bakpapier. Zeef de poedersuiker, bloem en kaneel in een kom en voeg de gemalen hazelnoten toe. Spatel de boter en eiwitten er losjes door. Schep het beslag in de bakvorm en verdeel hierover de helft van het kruimelmengsel, dan de stukjes rabarber en vervolgens de rest van het kruimelmengsel. Strooi de basterdsuiker erover en bak de cake 40 minuten, of tot deze stevig is**. Laat 10 minuten afkoelen in de vorm. Serveer warm of op kamertemperatuur. 

Eet smakelijk!

* je kunt blanke hele hazelnoten malen in de keukenmachine. Niet te lang, want dan komt teveel olie vrij. Als er een paar grotere stukken achterblijven is het niet erg. 
** doordat de rabarber vocht verliest blijft de taart een beetje plakkerig. Niets van aantrekken, want aan de smaak boet hij niet in!


17-05-2014

Viva de Vijgentaart!

Zoet, zoeter, zoetst. Vroeger moest ik niets van monchoutaart hebben. Verjaardagsfavoriet in mijn familie, maar ik vond het maar een vreemde, veel te zoete taart. Mijn maakte je veel blijer met appeltaart. Dat was toen. Een paar weken geleden at ik echter voor het eerst in heel lange tijd monchou. Met gedroogde vijgen. Ik moet eerlijk toegeven dat ik vooraf vraagtekens zette bij mijn keuze. Zou ik het wel lekker vinden en niet, zoals vroeger, te zoet? Een hap echter en ik was in de hemel. Zo lekker! En hoewel nog steeds heel zoet, stoorde ik me daar helemaal niet aan. Bastogne, romige kaas en de vijgen zijn voor elkaar gemaakt. En die taart moest ik zou ik zelf gaan maken. Zie, maak en proef het resultaat zelf!

Vijgenmonchoutaart


200 gram monchou (2 pakjes)
80 gram roomboter
1 pak bastogne koeken
250 milliliter slagroom
150 gram fijne kristalsuiker*
1 theelepel kaneel
250 gram gedroogde vijgen, in stukjes gesneden + een paar in plakjes gesneden vijgen voor de garnering

Zorg dat de monchou minstens 1 uur uit de koelkast is voor je begint. Hij moet zacht en makkelijk te bewerken zijn. 
Smelt de boter in een pannetje, of au bain marie. Maal ondertussen de bastogne koeken fijn in een keukenmachine. Roer de boter door de bastognekruimels, of andersom. 
Bekleed een ronde springvorm van 28 cm met bakpapier. Spreid het koekmengsel gelijkmatig uit over de bodem. Zet de springvorm in de koelkast en ga verder met de rest van het recept.
Klop de slagroom stijf in een mengbeker met een mixer. Om te testen of deze helemaal goed geklopt is, kun je de mengbeker langzaam ondersteboven houden. Blijft de slagroom zitten, dan heb je lang genoeg geklopt. 
Doe de monchou in een mengkom en klop met een mixer los tot en romig mengsel (zo'n 5 - 8 minuten). Klop de suiker er even door. Roer de kaneel erdoor. Spatel daarna de slagroom er luchtig doorheen en volg als laatst met de stukjes vijg. 
Haal de taartbodem uit de koelkast en schep het monchou-mengsel op de bodem. Strijk zo glad mogelijk en decoreer met de schijfjes vijg. Zet de taart zo'n 3 uur in de koelkast zodat deze mooi kan opstijven. Serveer!

Eet smakelijk!

* voor een minder zoete taart kun je ook minder suiker gebruiken.

29-11-2013

Zo fijn een stoofpeer te zijn...

Wat moet het heerlijk zijn een stoofpeer te zijn. Urenlang badderen in een bad van wijn en kruiden. Alsof je jezelf mag onderdompelen in een glas glühwein. Stoofpeertjes horen bij de herfst. Zij doen me denken aan mijn vader, die altijd vol trots praatte over zijn gestoofde peren en het met liefde aan zijn dochter serveerde. Iedereen in de familie heeft zijn eigen recept; gebruikt wijn, likeur of sap, en een variëteit aan specerijen. Geen peertje in onze familie smaakt hetzelfde en dat is misschien wel zo lekker. Het vergt geduld, meer dan inspanning, en is daarom ideaal voor druilerige dagen. Als je een pan vol maakt, heb je een week lang een heerlijk dessert.

Stoofperen


1 à 1,5 kilo stoofperen (afhankelijk van de grote van je pan)
1/2 liter rode wijn
1/2 liter water
1 kaneelstokje
3 kardemompeulen, iets gekneusd
1 steranijs
2 eetlepels suiker
en een flinke dosis geduld

Schil de peren en zet ze in een grote braadpan. Voeg wijn en water toe, en zorg dat de peren onderstaan, zodat ze gelijkmatig rood worden. Voeg zo nodig meer water (of wijn) toe. 
Voeg de specerijen toe en het suiker en zet het vuur aan. Breng aan de kook, zet het vuur op z'n laagst, en laat vervolgens zeker anderhalf à twee uur pruttelen met het deksel op de pan. Controleer af en toe of de peren al de gewenst zachtheid en kleur hebben. Draai het vuur uit, wanneer het gewenst resultaat bereikt is. 
Laat de peren afkoelen en serveer ze los of met ijs, yoghurt, chocolademousse, etc. 

Eet smakelijk!